Geschiedenis van de tuinkunst

Van de Hof van Eden tot aan Central Park: Geschiedenis van de tuinkunst


Toen God de eerste mensen had geschapen, woonden zij samen met de dieren in een paradijselijke tuinomgeving. Er kan dan ook wel worden gesproken van Adam als de eerste tuinman die verantwoordelijk was over de fauna én de flora. 

Het Midden Oosten kent meer voorbeelden van oogstrelende tuinen die door ooggetuigen alom werden geroemd. De legendarische hangende tuinen van Babylon, zo gaat de overlevering, vertelden hoe de bekende hoge muren bekleed waren met de meest schitterende planten en bloemen. De tuinen waren zo bijzonder dat zij door diverse klassieke Griekse schrijvers, waaronder Herodotus, als één van de zeven wereldwonderen werden aangeduid. 

De middeleeuwen laten een meer bescheiden tuin zien vol geneeskrachtige kruiden en gewassen, aangelegd door monniken om de zieken en de zwakken te genezen. De weelderige tuinen uit de oudheid keren weer terug in de renaissance. Een mooi voorbeeld van een tuin die omwille van zijn weelderigheid en geometrische, mathematische opzet in heel de wereld werd geroemd, was de Franse tuin van Versailles. De tuinen werden ontworpen door tuinarchitecten André Le Nôtre en graaf Caraman. Hier kreeg niet alleen de natuur een hoofdrol, maar ook de vele vijvers, bassins, klassieke beeldhouwwerken en maar liefs 2400 fonteinen. In de negentiende eeuw ontwikkelde de tuin zich tot een (stads)park in landschapsstijl, waarin de bezoekers konden genieten van vergezichten en grote natuurlijk ogende waterpartijen met bijbehorende bruggetjes en theekoepels.

De vierdelige cursus geschiedenis van de tuinarchitectuur behandelt de vele verschijningsvormen van de tuin van de vroege oorsprong tot en met de moderne stadsparken. Aan bod zullen komen; de architectuur en beplanting van de tuinen en de ontwerpers en de (mogelijke) opdrachtgevers.


Locatie, datum en tijd: 

  • Zeist, Idea, 26 september 2019 20.00 uur 
  • Soest, Idea, 11 maart 2020  10.00 uur